Nu we wegens Corona niet op vakantie mogen, zijn we aan ons eigen landje verbonden. Hoewel Nederland natuurlijk bekend staat om zijn idyllische dorpen, molens en tulpenvelden is er nog zoveel meer te zien. Van een literatuurmuseum tot aan overnachten in een kampeervlot: deze 5 parels in Utrecht zijn zeker de moeite waard om te bezoeken.

Verborgen plekken in Utrecht

Van de nood een deugd maken? Niets liever vertrekken we naar een subtropisch oord om lekker vakantie te vieren. Nu we verplicht in Nederland moeten blijven, is het misschien wel dé tijd om ons eigen landje opnieuw te ontdekken. We vergeten namelijk soms dat er ook zoveel moois in eigen land te zien is.

In dit artikel nemen we je daarom mee in 5 verborgen parels van Utrecht. Oftewel: haal je fiets uit de garage, schud het stof van je wandelschoenen, vul de tupperware bakjes (nu trouwens in de aanbieding in de Aldi folder van volgende week) met een heerlijke lunch en trek er lekker een dag op uit - in eigen land!

1. Middeleeuws Slot Zuylen

Slot Zuylen in Utrecht

Als je gek bent op geschiedenis én invloedrijke grote denkers dan ben je bij Slot Zuylen aan het juiste adres. Net buiten Utrecht, aan de Vecht, ligt het prachtige Middeleeuwste kasteel Slot Zuylen dat een rijke familiegeschiedenis met bewonderenswaardige bewoners kent. De vrijzinnige en adellijke Belle van Zuylen - die het huwelijksverzoek van de Schotse schrijver James Boswell afwees met de woorden "Ik heb geen talent voor ondergeschiktheid" - speelt misschien wel de meest prominente rol in deze geschiedenis.

Naast het kasteelbezoek waarin je de antieke meubels, schilderijen en gebruiksvoorwerpen uit de familiegeschiedenis kunt ontdekken, kun je ook naar het museumcafé het Koetshuis of rondlopen in de weelderige tuin van Slot Zuylen.

2. Fort Rhijnauwen

Voor een romantisch middagje kun je er met de fiets op uit trekken en een bezoekje aan het grootste fort van de Nieuwe Hollandse waterlinie brengen: Fort Rhijnauwen. Deze 46 forten zijn stuk voor stuk prachtige en unieke bouwwerken en zouden vanaf 1868 het hoger geleden land moeten gaan verdedigen. Zo ver kwam het gelukkig nooit. Het machtige vestingwerk is daarom ook nog in bijzonder goede staat en ligt in een waardevol natuurgebied.

Omdat het fort jarenlang niet toegankelijk voor publiek was, is het natuurgebied namelijk een paradijs geworden voor veel (bedreigde) planten en dieren. Inmiddels is het een ideale plek om te wandelen en kanoën.

3. Kampeervlot Marnemoende

Liever een heel weekend weg? En overnachten op een bijzondere plek? Dat kan op de kampeervlot in Marnemoende in IJsselstein. Je mag namelijk zelf over de Hollandse IJssel naar het kampeervlot kanoën, om daar vervolgens in een trekkershut een nachtje te slapen. De volgende dag wordt je middenin de rust van de natuur wakker met uitzicht op het water.

De kampeeruitrusting zoals de jerrycan met water, matjes om op te slapen en een toiletemmer krijg je allemaal ter plekke mee. Zelf moet je alleen wel voor een eigen slaapzak, kussen, handdoek en eten & drinken zorgen. Dit is nou wat je noemt back to basic kamperen.

4. Huis Doorn

Huis Doorn in Nationaal Park de Utrechtse Heuvelrug

Voor een indrukwekkend landgoed is een bezoekje aan museum Huis Doorn, gevestigd in het Nationaal Park de Utrechtse heuvelrug, absoluut de moeite waard. De laatste keizer van Duitsland, Wilhelm II, wilde naar Nederland uitwijken toen Duitsland de Eerste Wereldoorlog verloor en kocht het landhuis Doorn. Hoewel het neutrale Nederland sceptisch was tegenover dit plan, liet de keizer toch zijn inboedel vanuit zijn Duitse kastelen met 59 treinwagons overbrengen.

Het uitzonderlijk goed bewaarde interieur geeft een prachtig beeld van de tijd. Maar ook buiten vind je nog de rozentuin, monumentale bomen en een houthakplek waar Wilhelm II dagelijks in de weer was.

5. Rietveld Schröderhuis

Mocht je je even willen onderdompelen in kunst en cultuur dan kun je te midden in Utrecht naar het huis van designerheld Gerrit Rietveld. Deze villa was het eerste ontwerp van de populaire Rietveld - kunstenaar, meubelmaker en architect en werd zestig jaar bewoond door Truus Schröder-Schräder. Na haar dood in 1985 is het woonhuis gerestaureerd en in beheer van het Centraal Museum gekomen, dat de grootste Rietveldcollectie ter wereld heeft.

Het Rietveld Schröderhuis is met een rondleiding te bezoeken (mits de corona-regels het toelaten) en binnenin vind je diverse bekende meubels van de kunstenaar.